vrijdag 12 oktober 2012

Personal | 30 days of inspiration.

Vandaag alweer weer challengedag. Weer eens een iets leukere opdracht; A passage from a book that has touched you. Oftewel: een gedeelte van een boek dat je heeft geraakt. Nou ik hoefde niet lang over dat boek na te denken, dat stuk komt zeker weten uit mijn favoriete boek: Stuk van Judith Visser. Ik heb dit boek echt al super vaak gelezen en vind hem nog steeds super. Een mega snelle samenvatting: Elizabeth word veel gepest op school en ze wil niet dat mensen daarvan weten. Ze word onzeker, gaat afvallen en gaat het ‘perfecte’ meisje Riley ontvoeren om zo Riley’s vriendje Alec voor zich te winnen. x



‘Nee!’ 
Ik probeerde me los te rukken maar Sebastiaan en Jeremy hielden mijn armen stevig vast. Mijn bril gleed van mijn linker oor en bleef scheef op mijn neus hangen. ‘Laat me los!’
Ze hadden hun voeten over de mijne geklemd waardoor ik ook met mijn benen geen kant op kon en het schoolplein was op ons vieren helemaal leeg.
Sabina plukte de bril van mijn gezicht en zette hem zelf op. Lachend blies ze haar met make-up besmeurde wangen bol. ‘Ik ben Elizabeth,’ zei ze met een zware stem. ‘Ik ben een vette trol en stink als een varken.’
‘Zet dat ding af, joh. Straks krijg je nog schurft,’ zei Jeremy.
Sabina slaakte een hoge kreet en trok mijn bril van haar gezicht. Met maar mondhoeken naar beneden gekeerd gooide ze hem op de grond. ‘Bah!’
Nog steeds trok ik met mijn armen. ‘Waarom laten jullie me niet gewoon een keer met rust?’
Lachend lieten ze mijn vraag onbeantwoord. 


Rudy voelde mijn verdriet, lag naast me tot alles weer rustig werd en likte mijn tot vuisten gebalde handen. Hij begreep er net zo weinig van als ik. Een paar weken later, toen mijn vader al naar Amerika was, moest ik afscheid van hem nemen. Hij was dertien geweest, één jaar ouder dan ik. Hij had een hersentumor en er was niets meer aan te doen. Volgens de dierenarts had hij ondraaglijke hoofdpijn waardoor hij overgevoelig was voor geluid. Zelfs iets simpels als een rinkelende telefoon deed hem al onder de tafel wegkruipen van ellende en de dierenarts had gezegd dat het niet eerlijk was om hem langer te laten lijden. We waren alleen gegaan, op die laatste dag. Hij en ik. Ik wilde zelf afscheid van hem nemen, zonder mijn moeder erbij. Ze zou mijn laatste moment met hem alleen maar verpesten met haar aanwezigheid, er toch niets van begrijpen. Hem achterlaten op de koele roestvrijstalen tafel was het moeilijkste wat ik ooit had moeten doen. Rudy’s ogen waren gesloten, het was bijna alsof hij alleen maar sliep, maar volgens de dierenarts was het gebeurd. Voorbij. Terug naar huis liep ik langzaam, mijn hoofd gebogen en Rudy’s riem in mijn hand. Mijn schaduw op de stoep zag er kaal en verlaten uit zonder die van Rudy ernaast. Toen ik de straat aankwam zag ik zijn mand buiten bij het vuilnis staan. Zijn mand, waar hij eerder die middag nog nietsvermoedend een dutje in had gedaan, was door mijn moeder meteen weggegooid alsof het niets was. Ik rende ernaartoe, trok het bij het afval vandaan en zakte door mijn knieën.

Wat is jullie favoriete boek?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Bedankt voor je reactie en hopelijk tot snel!